Over AdBlue
Wat is AdBlue en wat doet het?
AdBlue is een uiterst zuivere, kleurloze vloeistof. Deze bevat gedemineraliseerd water en ureum (32,5%). AdBlue wordt gebruikt in dieselmotoren en is buiten Europa ook bekend onder de namen DEF, ARLA 32 of AUS 32.
De belangrijkste actieve component van AdBlue is ammoniak. Dit wordt langs chemische weg gevormd door hydrolyse van automotive ureum, dat de belangrijkste grondstof is voor AdBlue. Verschillende soorten ureum worden gebruikt voor de productie van o.a. kunstmest en nog veel meer toepassingen.
AdBlue wordt gebruikt in dieselmotoren die uitgerust zijn met SCR-technologie. Deze technologie (Selective Catalytic Reduction) reduceert de uitstoot van schadelijke stoffen (NOx).
AdBlue wordt ingespoten in de katalysator van het SCRsysteem, waar het een chemische reactie op gang brengt met de ammoniak. Als gevolg van deze chemische reactie worden de giftige stikstofoxiden (NOx) omgezet in stikstof (N2) en waterdamp (H2O).
Waterdamp en stikstof zijn in de natuur voorkomende gassen die onschadelijk zijn voor het milieu

Heb ik AdBlue nodig?
Als u een modern dieselaangedreven auto met SCR-katalysator heeft, heeft u AdBlue nodig.
Waarom heb ik AdBlue nodig?
Uw auto heeft AdBlue nodig om de NOx-uitstoot te reduceren. Als gevolg van de steeds strengere emissienormen moeten dieselmotoren steeds schoner worden. De NOx-normen zijn niet alleen aangescherpt voor transportvoertuigen, maar ook voor off-road-voertuigen en personenauto’s.
Alle commerciële voertuigfabrikanten zullen moeten voldoen aan de Euro 5- en Euro 6-emissienormen voor dieselmotoren. Hoewel aan de Euro 5-emissienormen voldaan kan worden met verschillende technologieën, vereisen de Euro 6-emissienormen (januari 2014) het gebruik van selectieve katalytische reductie met AdBlue.
Is AdBlue gevaarlijk?
Nee, AdBlue is geen gevaarlijke stof. Er zijn geen significante effecten of ernstige risico’s bekend. De grondstof, ureum, komt zelfs van nature voor in ons spijsverteringsstelsel. We ontraden u echter ten sterkste AdBlue in te nemen of AdBlue-dampen in te ademen, vanwege de kans op een allergische reactie.
AdBlue is corrosief en kan materialen oplossen die niet als AdBlue-bestendig vermeld staan in ISO 22241. Deze materialen kunnen storingen in uw SCR-katalysator veroorzaken.
Meer informatie over de eigenschappen en eiligheidsmaatregelen vindt u op het veiligheidsinformatieblad dat kan worden gedownload op greenchemholding@gmail.com.
AdBlue en emissiewetgeving
Is deze emissiewetgeving van toepassing op mijn voertuig?
De Euro 1 – 6 emissiewetgeving is van toepassing op motorfietsen, zware bedrijfsvoertuigen (bussen, trucks) en personenauto’s. Niet alle voertuigen hoeven echter te voldoen aan dezelfde normen.
Stage I – IV wetgeving heeft betrekking op de meeste off-road voertuigen die worden gebruikt in de bouw, de landbouw en voor andere toepassingen. Of u SCR-technologie en de daarbij behorende AdBlue nodig heeft, is afhankelijk van het emissieniveau van uw machine of voertuig.
Of de wetgeving van toepassing is op uw voertuig kunt u te weten komen via de fabrikant.

Emissiewetgeving in de Europese Unie

Wetgeving voor transportvoertuigen
EURO 6
Euro 6 wordt van kracht in 2014. Deze norm heeft vooral gevolgen voor de normen voor dieselaangedreven auto’s en eist een verdere verlaging van de uitstoot van NOx en koolwaterstoffen. Het gevolg daarvan is dat het SCR-systeem en AdBlue onmisbaar worden om te kunnen voldoen aan de Euro 6-normen. De Euro 6-wetgeving wordt voor trucks direct van kracht in januari.
Nieuw geïntroduceerde personenauto’s moeten aan de norm voldoen voor september 2014 en per 2015 moeten alle nieuw
afgeleverde auto’s voldoen aan Euro 6.
EURO 5 (715/2007/EG)
Euro 5 werd in de EU geïntroduceerd in 2009. Deze norm bevatte voorstellen om de uitstoot van schadelijke stoffen door zware bedrijfsvoertuigen te beperken.
EURO 4 (98/69/EC, 2002/80/EC)
Euro 4 werd in de EU geïntroduceerd in 2005. Deze norm bevatte voorstellen om de uitstoot van voertuigen met een dieselmotor of benzinemotor verder te beperken. Bij Euro 4 werd voor het eerst de uitstoot van NOx beperkt.
EURO 3 (98/69/EG)
Euro 3 werd in de EU geïntroduceerd in 1999. Deze norm beperkte de uitstoot door auto’s met een dieselmotor. Euro 3 omvatte tevens wetgeving voor zware bedrijfswagens.
EURO 1 – 2 (91/441/EEC, 93/59/EEC en 94/12/EC, 96/69/EC)
Euro 1 werd van kracht in 1993 en stelde emissienormen voor bedrijfswagens en lichte trucks. Dit vormde de start van een stapsgewijze terugdringing van de uitstoot van alle motoren om de luchtkwaliteit in Europa te verbeteren. Euro 1 werd spoedig opgevolgd in 1996 door Euro 2, waarin ook wetgeving met betrekking tot motorfietsen was opgenomen.

Wetgeving voor off-road-voertuigen
Stage III en IV en Stage IV B
Bedoeld voor een breder scala off-road-voertuigen. Stage III en IV bevatten meer gedetailleerde en veeleisende normen. Stage IV zal worden geïntroduceerd in 2014. Om aan deze emissienormen te voldoen, zullen bijna alle fabrikanten AdBlue gebruiken. Stage IV B werd geïntroduceerd in 2011 en zorgde ervoor dat de belangrijkste non-road-fabrikanten SCR-technologie gingen gebruiken.
Stage I en II (1997 – 2004)
De eerste wetgeving met betrekking tot non-road-dieselmotoren werd geïntroduceerd in 1997. Deze wetgeving had nog geen betrekking op locomotieven, binnenvaartschepen of vliegtuigen.
Waar kan ik AdBlue kopen?
AdBlue is op grote schaal verkrijgbaar in 10 en 20 liter verpakkingen, 200 l vaten en 1.000 l IBC’s (Intermediate Bulk Containers) of via een speciaal AdBlue-bijvulsysteem. De meeste tankstations voor trucks verkopen al AdBlue in kleinverpakkingen of in bulk. Europa heeft ook een uitgebreid netwerk van AdBlue-distributeurs en commerciële leveranciers. Kijk naar de systemen met het AdBlue-logo en vul uw tank net zoals u brandstof tankt.
Bezoek de GreenChem-website om de beste oplossing te vinden voor uw AdBlue-behoefte:
www.adblue4you.com
greenchemholding@gmail.com
Hoeveel AdBlue heb ik nodig?
Uw AdBlue-gebruik is afhankelijk van de gebruiksomstandigheden van uw voertuig. Een volle tank AdBlue is toereikend voor meerdere volle tanks brandstof.
Geschat verbruik voor trucks:
Geschat verbruik voor trucks: Het gemiddelde verbruik van AdBlue versus diesel voor trucks is 4 – 8%.
• Lokaal distributieverkeer: ongeveer 500 l per jaar
• Landelijk distributieverkeer: ongeveer 1.000 l per jaar
• Internationaal distributieverkeer: ongeveer 2.500 l per jaar

Geschat verbruik voor personenauto’s:
• Middenklasse diesel (bijvoorbeeld Opel Insignia of Peugeot 508): 1 liter AdBlue per 1.000 km
• SUV/MPV diesel (bijvoorbeeld Opel Zafira of VW Touran): 1,5 liter AdBlue per 1.000 km
Geschat verbruik voor off-road-voertuigen:
Vanwege het grote aantal verschillende soorten off-roadvoertuigen is het moeilijk het precieze gebruik in te schatten. Een grote, zware tractor kan 2.500 l AdBlue per jaar verbruiken. Om te berekenen hoeveel AdBlue er nodig is, wordt een verhouding van 5 – 10% van het dieselverbruik gehanteerd.
Kan ik mijn tank vullen bij een AdBlue-pomp bij het tankstation?
Dat hangt ervan af, maar het is mogelijk. Dankzij onze voortdurende innovaties en verbeteringen kunt u uw auto nu vullen met AdBlue® bij tankstations die zijn uitgerust met een GreenChem AdBlue-tanksysteem. Afhankelijk van de regio zijn AdBlue®-pompen bij tankstations beschikbaar voor zowel vrachtwagens als personenauto’s en kunnen ze zijn voorzien van een slim, multifunctioneel vulpistool met instelbare vulsnelheden. Controleer de website om te zien of dit mogelijk is.
GreenChem biedt daarnaast een uitgebreid distributienetwerk, waardoor u gemakkelijk toegang heeft tot onze verpakte producten en AdBlue® gemakkelijk en efficiënt kunt bijvullen.
Hoe waarborgt GreenChem de kwaliteit van AdBlue®?
GreenChem beschikt in Europa verschillende vestigingen voor de productie van AdBlue®. Het bedrijf heeft filialen in 16 landen in de EU voor lokale verkoop en ondersteuning van klanten.
Voordat we leveren aan onze klanten voeren we een analyse uit conform de ISO 22241-normen. Een analysecertificaat is in ons interne systeem beschikbaar voor referentie. De herkomst van elke productiebatch is volledig traceerbaar. GreenChem AdBlue® is ISO-gecertificeerd voor kwaliteits- en milieubeheersystemen volgens de normen van ISO 9001:2015 en ISO 14001:2015.
ISO-certificaten:



Hoe kan ik de AdBlue-tank herkennen?
U kunt uw AdBlue-tank niet alleen herkennen aan de blauwe dop of het AdBlue-label, maar ook aan het feit dat het een geheel afzonderlijke tank is.
De vulopening bevindt zich vaak in de buurt van de vulopening voor diesel. Bij sommige personenauto’s bevindt de AdBluetank zich in de bagageruimte of de motorruimte.
De vulopening van uw AdBlue-tank is smaller dan de vulopening van de dieseltank, dus normaal gesproken zou u geen diesel moeten kunnen tanken in de verkeerde tank (het vulpistool past niet).
Wat moet ik doen als ik AdBlue heb gemorst?
AdBlue is niet gevaarlijk voor het milieu. Een kleine hoeveelheid AdBlue kan worden verdund met water. Het is het beste gemorste AdBlue op te dweilen en te voorkomen dat het in een afvoer of het riool terechtkomt. Probeer bij het morsen van een grote hoeveelheid te voorkomen dat het in een afvoer of het riool terechtkomt.
Absorbeer de gemorste AdBlue met zand, aarde of speciale absorptiekorrels en voer deze op een verantwoorde wijze af. Absorptiekorrels zijn leverbaar in verschillende maten en sets.
Opmerking: Het oppervlak waarop AdBlue is terechtgekomen, kan glad worden. Reinig de plaats waarop AdBlue is terechtgekomen zo snel mogelijk om uitglijden en vallen te voorkomen.
Kan ik gemorste AdBlue hergebruiken?
Nee, probeer gemorste AdBlue nooit opnieuw te gebruiken!
Gemorste AdBlue is altijd verontreinigd. Gebruik van vervuilde AdBlue kan kostbare schade veroorzaken aan het SCRsysteem van uw voertuig. U kunt gemorste AdBlue dus niet meer gebruiken, hoe groot de gemorste hoeveelheid ook is!
Wat moet ik doen als ik per ongeluk diesel in mijn AdBlue-tank heb gedaan?
Start uw motor niet!
Slechts een klein druppeltje diesel zal de AdBlue in uw tank verontreinigen. 1 Druppel diesel kan tot 20 liter AdBlue verontreinigen. Als de motor draait met verontreinigde AdBlue, kan er schade aan uw SCR-systeem ontstaan.
Om verdere schade aan uw voertuig te voorkomen, kunt u het beste contact opnemen met de fabrikant van uw voertuig. Het kan zijn dat er bepaalde componenten van het AdBlue-systeem moeten worden vervangen.
Opslag en bijvullen van uw eigen AdBlue-voorraad
Optimale opslagcondities voor AdBlue
AdBlue moet buiten bereik van direct zonlicht worden opgeslagen bij een temperatuur van -6 tot +25°C in een schone en afgesloten container of bijvulunit.
Eisen voor opslag
Milieu:
Houdt u aan de lokale milieuvoorschriften. In sommige landen moet de AdBlue-opslagtank omringd zijn door een dam of moet onder de IBC of onder de vaten een opvangbak worden gebruikt. Neem contact op met de lokale autoriteiten voor meer informatie over de eisen voor opslag.
Geschikte containers:
AdBlue mag alleen worden opgeslagen in high density polyethyleen, polypropyleen of roestvaststalen containers.
Geschikte materialen voor leidingen, isolatie en afdichting:
• Polyisobutyleen (synthetisch rubber), zonder additieven (voor afdichtingen en slangen)
• PFA, PVDF en PTFE (teflon), zonder additieven (voor voeringen van chemische apparatuur/onderlegringen, afdichtingen)
• Copolymeren van (P)VDF en HFP (viton), zonder additieven (voor de isolatie van elektrische bedrading en afdichtingen/ O-ringen)
Gebruik geen corrosieve materialen als koper, nikkel, zink, weekijzer of aluminium. Bekijk de complete lijst in de ISO 22241-aanbevelingen.
Verwerking, transport en opslag van AdBlue®.
Belangrijke onderdelen van ISO 22241 deel 3:
- Termen en definities
- Houdbaarheid: periode die begint met de voltooiing van de productie van de batch, waarbinnen AdBlue® bij opslag onder specifieke omstandigheden blijft voldoen aan de specificatie die is gedefinieerd in ISO 22241-1:2019, tabel 1.
- Productiebatch: hoeveelheid AdBlue® die tijdens één bewerking is geproduceerd in een vestiging waar het product (het laatst) fysiek of chemisch is gewijzigd om te voldoen aan de specificaties die zijn gedefinieerd in ISO 22241.
Opmerking: Het mengen van hoeveelheden AdBlue® wordt niet gezien als fysieke of chemische wijziging, mits de kwaliteit van de hoeveelheden voorafgaand aan het mengen voldoet aan de specificatie die wordt vermeld in ISO 22241-1:2019, tabel - Bulkbewerking: Verwerking van AdBlue® in grote containers.
Opmerking: Voorbeelden van grote containers zijn tankwagens, treinwagons. opslagtanks en tankers. - Pakketverzending: verwerking van AdBlue® in kleine containers.
Opmerking: Voorbeelden van kleine containers zijn vatten, jerrycans, flessen, IBC-containers en zakken.
- Vereisten voor het gebruik van materialen die compatibel zijn met AdBlue®
Om besmetting van AdBlue® te voorkomen en corrosie van gebruikte hulpmiddelen (containers, ventielen, kleppen, fittingen, pakkingen, slangen, enzovoort) tegen te gaan, moet al het materiaal dat tijdens verwerking, transport en opslag direct in aanraking komt met AdBlue® (ook bij het nemen van monsters), compatibel zijn met AdBlue®.
Opmerking: Weet u niet zeker of een bepaald materiaal compatibel is met AdBlue® neem dan contact op met de kwaliteitsmanager voor advies.


3. Fysieke omstandigheden tijdens opslag en transport.
- Algemene aanbeveling
- Transport of opslag van AdBlue® waarbij gedurende langere tijd sprake is van een temperatuur boven 25 °C moet worden voorkomen om afbraak van ureum en verdamping van water uit geventileerde containers tegen te gaan.
- Sla AdBlue® niet op bij een temperatuur onder -5 °C om stolling te voorkomen.
Opmerking: AdBlue® heeft in gestolde vorm een circa 7% groter volume dan in vloeibare vorm, waardoor een volledig gevulde, gesloten container kan barsten. Als u gestolde AdBlue® voorzichtig opwarmt tot een temperatuur van maximaal 30 °C, gaat dit niet ten koste van de kwaliteit en kunt u het product gebruiken zodra de opgewarmde oplossing geen stolsels meer bevat. - Stel AdBlue® niet bloot aan zonlicht om een overmatige temperatuurstijging te voorkomen.
- Gebruik goed afgesloten containers en geventileerde containers met filters om AdBlue® te beschermen tegen besmetting via de lucht.
- Houdbaarheid
In de gehele distributieketen blijft AdBlue® naar verwachting voldoen aan de specificaties die in ISO 22241-1 worden vermeld, ten minste gedurende de perioden in tabel C mits bij de opslag van AdBlue® een constante omgevingstemperatuur wordt aangehouden.

- Reiniging van oppervlakken die in aanraking komen met AdBlue®
- Alle oppervlakken die direct in aanraking komen met AdBlue® moeten vrij zijn van vreemde stoffen zoals brandstof, olie, vet, schoonmaakmiddelen, stof en andere substanties.
- Gebruik bij voorkeur geen kraanwater (vooral te hoge concentraties van Mg, Ca en Na). Beschikt u niet over gedemineraliseerd water, dan kunt u het materiaal afspoelen met kraanwater, mits u het tot slot afspoelt met verse AdBlue®.
- Aanbevelingen met betrekking tot andere eigenschappen.
Informatie over andere eigenschappen van AdBlue® staan in het veiligheidsinformatieblad. Hier vindt u informatie over gevarenclassificaties en regelgeving die moet worden nageleefd, evenals maatregelen die moeten worden genomen voor de bescherming van mens en milieu bij het omgaan met het product.
4. Procedures voor de omgang met containers en apparatuur
- Algemeen
- Alle apparatuur die wordt gebruikt voor pakketverzending en bulkbewerkingen mag alleen voor dat doel worden gebruikt, moet grondig worden gereinigd en moet bewezen schoon zijn voor het gebruik met AdBlue®. De apparatuur moet als zodanig worden gemarkeerd.
- Gebruik alleen speciale containers of containers die bewezen schoon zijn om besmettingen te voorkomen.
- Hulpmiddelen voor temperatuurregeling zijn mogelijk vereist om de temperatuur binnen het voor AdBlue® aanbevolen bereik te houden zoals aangegeven in tabel C.
- De componenten van de apparatuur voor het vullen en leegmaken moet worden leeggemaakt, gereinigd en afgesloten na gebruik om besmetting van AdBlue® vanuit de omgeving te voorkomen. Gebruik vooral slangen alleen voor dit doel. Sluit ze na elk gebruik en zorg ervoor dat u ze op een gecontroleerde wijze behandelt en opslaat.
- Zie voor meer informatie de QSC-procedure en de procedure voor het retourneren van IBC-containers
- Niet-bulkcontainers voor eenmalig gebruik:
- Elke container moet zijn voorzien van een identificatielabel of stempel zodat de inhoud ervan kan worden getraceerd naar de originele productiebatch AdBlue® van de leverancier.
- De binnenkant van de containers moet vóór het vullen visueel worden gecontroleerd conform een op schrift gestelde procedure.
- Tijdens het vullen van een reeks kleine containers met AdBlue® moet een monster van één liter worden genomen uit de eerste gevulde container. Het monster moet worden bewaard als een retentiemonster.
- Gevulde containers moeten worden verzegeld. Dit geldt niet voor geventileerde containers.
- Specifieke bulkbewerking:
- Hulpmiddelen voor bulkbewerking die uitsluitend worden gebruikt voor transport of opslag van AdBlue® hoeven niet vóór het laden te worden gereinigd, mits alle kleppen, openingen en slangen zijn gesloten en behandeld zonder besmetting.
- Alle bulk- en losbewerkingen moeten worden vastgelegd als voorschriften met passende controlelijsten.
- Vóór het laden of lossen van AdBlue® moeten ten minste de resultaten van de volgende inspecties worden gedocumenteerd:
- Correcte sluiting van alle kleppen en opening na voltooiing van het laden of lossen.
- Controle van het reinigingscertificaat.
- Visuele verificatie van de hulmiddelen voor bulktransport of -opslag op defecten of gebreken.
- Identificatie van producten conform de leveringsdocumenten.
- Bij onregelmatigheden tijdens het laden of lossen moet onmiddellijk worden gestopt. Er moet een monster van het gevulde bulkcompartiment worden geanalyseerd en op basis van het resultaat van de analyse moeten passende maatregelen worden genomen.
- Niet-specifieke bulkbewerking:
- Reinig grondig vóór het gebruik met AdBlue®.
- Bij de reiniging wordt rekening gehouden met de chemische aard van de laatste 3 (drie) getransporteerde producten.
- Dit is vastgelegd in een reinigingscertificaat.
- Voorafgaand aan het laden moet dit certificaat worden getoond op de locatie waar het vullen plaatsvindt.
- Verder moeten de uitgang, de ingang en de binnenkant van het transportmiddel visueel worden gecontroleerd.
- Na het laden moet een monster worden genomen. Dit monster moet representatief zijn voor de gehele lading.
- Niet-specifieke apparatuur die wordt gebruikt voor het vullen van containers:
- Reinig grondig vóór het gebruik met AdBlue®.
- Bij de reiniging wordt rekening gehouden met de chemische aard van de laatste 3 (drie) getransporteerde producten.
- Analyseer een monster uit de eerste container die met AdBlue® is gevuld om na te gaan of wordt voldaan aan de specificaties van ISO22241-1.
De producten die eerder met deze apparatuur zijn gevuld en de resultaten van de analyse na productwisseling moeten worden gedocumenteerd.
Hoe reinig ik IBC-containers en vaten voor hergebruik?
1. Algemeen
Volg de standaardprocedure, want dit is een voorwaarde voor het waarborgen van de algehele kwaliteit van AdBlue®. Deze procedure is opgesteld om de hygiëne van geretourneerde IBC-containers en het recyclingproces te garanderen met het oog op hergebruik van de IBC-containers en borging van de kwaliteit van AdBlue® conform de specificaties van ISO 22241-1.
2. Reiningsprocedure
- Controleer de IBC-container en de box op beschadigingen. Houd zwaar beschadigde IBC-containers apart en neem contact op met GreenChem.
- Verwijder restanten vloeistof uit de IBC-container (zie afbeelding 1).
- Reinig de buitenkant van de IBC-container (zie afbeelding 2).
- Verwijder alle oude stickers/labels (zie afbeelding 3).
- Reinig de binnenkant van de IBC-container. Spoel tot slot grondig af met zuiver water (bijvoorbeeld gedemineraliseerd of RO-water).
- Maak de binnenkant van de IBC-container droog (zie afbeelding 4).
- Test de IBC-container op lekken, zowel de onderste klep (zie afbeelding 5) als de container (zie afbeelding 6).
- Bevestig nieuwe folie en een nieuwe zegel op de kraan onderaan de IBC-container (zie afbeeldingen 7 en 8).
- Bevestig nieuwe IBC-labels en een nieuwe GreenChem-sticker op het metalen plaatje (zie afbeeldingen 9 en 10).
- Bevestig een nieuwe blauwe zegel op de box en een witte zegel op de vuldop bovenaan de IBC-container. Blauwe zegels zijn niet vereist als deze niet op voorraad zijn (zie afbeeldingen 11 en 12).


3. Goedkeuringsproces voor schoonmaakbedrijven
Als u een schoonmaakbedrijf inschakelt voor het reinigen van IBC-containers voor GreenChem, moet u als volgt controleren of de reiniging naar behoren wordt uitgevoerd:
- Zet vijf gereinigde en gelabelde IBC-containers apart voor transport door GreenChem naar een contractbedrijf in de buurt.
- Het contractbedrijf vult de IBC-containers met AdBlue®.
- Het contractbedrijf neemt een monster van één liter uit elke IBC-container.
- Het contractbedrijf maakt een mengsel (min. één liter) van de vijf monsters.
- Het mengsel wordt door een geautoriseerd laboratorium geanalyseerd op basis van de specificaties van ISO 22241 – 1.
- Als alle parameters binnen de specificaties van ISO 22241-1 vallen, krijgt het schoonmaakbedrijf goedkeurig van GreenChem voor de reiniging van IBC-containers.
Wat moet ik doen als het SCR-systeem een AdBlue®-fout meldt?
Een lage concentratie aan ureum of besmetting van AdBlue® zijn niet de enige redenen die tot een storing van het SCR-systeem kunnen leiden. Er zijn diverse redenen waarom het SCR-systeem kan uitvallen, zoals:
- AdBlue®-injector: Injector vastgelopen of defect. Injectie van AdBlue® in het systeem is niet meer mogelijk.
- Dieseloxidatiekatalysator (DOC): Als deze is verbrand, beschadigd of gesmolten, is optimalisatie van het nabehandelingssysteem voor uitlaatgassen niet meer mogelijk en verstopt het filter omdat er geen regeneratie meer kan worden uitgevoerd.
- Dieseldeeltjesfilter: Verstopt als gevolg van diverse oorzaken. Een probleem met de dieseloxidatiekatalysator, er worden te vaak korte ritjes gemaakt en automatische regeneratie niet voltooid: er zijn meerdere oorzaken waardoor het vermogen van het voertuig afneemt.
- Selectieve katalytische reductie (SCR) en ammoniakslipkatalysator (ASC): Storing van de SCR-katalysator, geblokkeerd of beschadigd. Ook NOx-sensors kunnen SCR-incidenten veroorzaken die door de ACM-controlemodule van het voertuig worden beheerd.
Hoe werkt het SCR-systeem?
Selective Catalytic Reduction (selectieve katalytische reductie of SCR) is een nabehandelingstechnologie waarbij AdBlue® wordt gebruikt om de uitstoot van schadelijke stikstofoxide te verlagen. De belangrijkste onderdelen van het SCR-systeem zijn de eenheid voor de dosering en injectie van AdBlue®, de SCR-katalysator en de AdBlue®-tank.
AdBlue® wordt geïnjecteerd vanuit de speciale AdBlue®-opslagtank van het voertuig in de uitlaatpijp die zich vóór de SCR-katalysator maar achter de motor bevindt. Door verhitting in de uitlaat wordt AdBlue® omgezet in ammoniak (NH₃) en koolstofdioxide (CO₂). Wanneer de stikstofoxide (NOx) in de katalysator reageert met de ammoniak, worden de schadelijk NOx-moleculen in de uitlaat omgezet in onschadelijke stikstof en water. Deze stoffen komen als stoom in de atmosfeer terecht.
Gebruik van AdBlue® van slechte kwaliteit die niet voldoet aan de ISO 22241-normen, kan leiden tot dure reparaties aan het SCR-systeem.
Kan ik de kwaliteit van AdBlue® bepalen aan de hand van de geur?
Een schone, frisse ureumoplossing is helder en geurloos. Toch komt het vaak voor dat wanneer AdBlue® een tijdje is opgeslagen, de afbraak van ureum begint. Bij dit proces komt ammoniak vrij. Zelfs bij een heel kleine hoeveelheid ammoniak ontstaat een duidelijk herkenbare geur. De afbraak van ureum leidt in feite tot een afname van de werkzame stoffen in AdBlue®, maar deze afname is meestal zo klein dat het niet nodig is om hieraan aandacht te besteden.
Alleen een grootschaligere afbraak van ureum, bijvoorbeeld bij onjuiste opslag in direct zonlicht, kan leiden tot een aanzienlijke afname van de werkzame stoffen vóór het verstrijken van de houdbaarheidsdatum (één jaar na de productie).
In ISO 22241 wordt in de productspecificaties het toegestane interval van de werkzame actieve stoffen vermeld, namelijk 31,8% tot 33,2% ureum. Dit interval moet niet alleen tijdens de levering van nieuwe AdBlue® worden aangehouden, maar ook tijdens de houdbaarheid, dus 1 jaar na de productie. Als de werkzame stoffen tijdens de opslag dus afnemen van bijvoorbeeld 32,3% naar 31,9%, voldoet AdBlue® nog steeds aan de specificatie. Het bovenstaande betekent dat u bij een lichte ammoniakgeur wel moet opletten, maar dat er meestal niets aan de hand is. Hoe verser het product is dat u ontvangt, des te kleiner de kans dat u dit ruikt.
Wat is de juiste methode voor het nemen van een monster van AdBlue®?
Algemene richtlijnen voor het nemen van monsters van AdBlue®
- Controleer of het bemonsteringspunt schoon is. Is dat niet het geval, maak dit dan schoon met gedemineraliseerd water.
- Bewaar genomen monsters in schone, reukloze containers van HDPE of geschikt materiaal zoals HDPP. Gebruik geen metalen containers voor AdBlue® vanwege het risico op besmetting met metaal. Monsters moeten voorafgaand aan de analyse worden beschermd tegen besmetting. Gebruik schone, geschikte hulpmiddelen voor het nemen van monsters.
- Alle monsters moeten representatief zijn voor de volledige batch en moeten als volgt worden gelabeld:
- Productnaam
- Klantnaam
- Batchnummer van IBC-container/jerrycan
- Datum en tijd waarop het monster is genomen
- Adres van de locatie waar het monster is genomen
- Naam van degene die het monster heeft genomen
- Neem een schone plastic fles van (bij voorkeur) 1 liter of minimaal 0,5 liter.
- Zet de plastic fles onder het bemonsteringspunt en open langzaam de klep. Vul de fles tot de helft en sluit de klep.
- Sluit de fles en schud deze voorzichtig.
- Open de fles en schenk alle AdBlue® eruit (in een fles die u weggooit).
- Herhaal stap 4 maar vul de plastic fles nu voor maximaal 90-95%. Zorg dat er geen onoplosbare deeltjes of vuildeeltjes van het bemonsteringspunt of de klep in de fles terechtkomen.
- Sluit de klep en draai de plastic fles goed dicht.
- Doe de fles in een plastic zak en maak deze goed dicht om mogelijke besmetting te voorkomen. Bevestig een label op de fles met het monster en de plastic zak volgens de instructies in stap 3.
- Bewaar deze monsters voorafgaand aan de analyse onder de juiste omstandigheden (temperatuur <25°C en niet in direct zonlicht).
Hoe kan ik zelf de kwaliteit van AdBlue® controleren?
Visuele inspectie –
Voer eerst een visuele inspectie uit en kijk of de AdBlue® helder is en of er geen verontreiniging of vuil in de vloeistof drijft. Hierbij kunt u de kleur van het product beoordelen en nagaan of de vloeistof vuil bevat waardoor de filters van het SCR-systeem verstopt kunnen raken. Als de AdBlue® niet helder is, kan er sprake zijn van besmetting met mineralen. Met deze methode is het niet mogelijk om het gehalte aan ureum of de mate van besmetting met mineralen te bepalen.
Test met een draagbare digitale refractometer –
Als tweede stap kunt u met een draagbare digitale refractometer het werkelijke gehalte aan ureum van de AdBlue® meten. Bij AdBlue® van goede kwaliteit moet het gehalte aan ureum tussen 31,8% en 33,2% liggen. Kalibreer de refractometer vóór de test met een paar druppels gedemineraliseerd water. U hoeft maar een paar druppels AdBlue® op het roestvrijstalen plaatje van het apparaat te sprenkelen. Op het plaatje is een prisma bevestigd en door middel van de lichtrefractie wordt het gehalte aan ureum gemeten. De lichtbron is in het digitale instrument geïntegreerd. Dit voorkomt meetfouten die door kunstlicht in een analoge AdBlue®-refractometer worden veroorzaakt. De invloed van de temperatuur tijdens de meting wordt intern door de refractometer gecompenseerd.
Gebruik voor deze test bij voorkeur een door GreenChem geleverde refractometer of een andere gecertificeerde refractometer.
Hoe voert GreenChem transport en distributie van AdBlue uit?
GreenChem levert aan klanten in Europa en Brazilië op twee manieren.
1. Bulkleveringen – GreenChem beschikt over een wagenpark van speciale tankwagens en treinwagons voor de bulklevering van AdBlue®. Omdat de tankwagens en treinwagons uitsluitend hiervoor worden gebruikt, kunnen klanten van GreenChem erop rekenen dat tijdens het transport geen risico op besmetting bestaat. Bij onderhoud of reparatie na een verkeersongeval wordt ons speciale wagenpark uitsluitend gereinigd in volledig gecertificeerde reinigingsinstallaties. Zo wordt gewaarborgd dat de lading van de tankwagen/treinwagon beslist niet wordt besmet door een residu van de servicewerkzaamheden. Onze vrachtwagens zijn uitgerust met krachtige pompen en slangen met de juiste afmetingen om elk type tanksysteem op de locatie van de klant te bereiken. Tankwagens beschikken ook over een gekalibreerde debietmeters en een etiketprinter waardoor de gebruiker precies weet hoeveel er van product is geleverd. Bij het transport houden wij ons strikt aan alle bepalingen van ISO 22241.
2. Pakketleveringen – GreenChem biedt klanten diverse typen verpakkingen, van kleine jerrycans van 4 liter tot grote IBC-containers van 1000 liter. Alle verpakkingen van GreenChem kunnen worden gerecycled. Om de kwaliteit van ons product 100% te garanderen, maken we voor het vullen alleen gebruik van verpakkingen die rechtstreeks van de productie afkomstig zijn. Zo voorkomen we besmetting door vooraf gevulde verpakkingen. De enige verpakking die aan GreenChem kan worden geretourneerd, is de IBC-container (ga dit na bij uw lokale GreenChem-verkooppunt). Geretourneerde IBC-containers worden nauwkeurig gecontroleerd en bij verdenking van besmetting of schade gereinigd of gerepareerd. Alle openingen van de IBC-container worden verzegeld. Van jerrycans en vaten worden de doppen verzegeld. Als een van deze zegels is verbroken, wordt de verpakking door GreenChem als besmet beschouwd en niet naar klanten verzonden. Deze verpakkingen worden gereinigd of weggegooid.
Hoe moet ik AdBlue® opslaan en verwerken?
Algemene richtlijnen voor het nemen van monsters van AdBlue®
1. Controleer of het bemonsteringspunt schoon is. Is dat niet het geval, maak dit dan schoon met gedemineraliseerd water.
2. Bewaar genomen monsters in schone, reukloze containers van HDPE of geschikt materiaal zoals HDPP. Gebruik geen metalen containers voor AdBlue® vanwege het risico op besmetting met metaal. Monsters moeten voorafgaand aan de analyse worden beschermd tegen besmetting. Gebruik schone, geschikte hulpmiddelen voor het nemen van monsters.
3. Alle monsters moeten representatief zijn voor de volledige batch en moeten als volgt worden gelabeld:
- Productnaam
- Klantnaam
- Batchnummer van IBC-container/jerrycan
- Datum en tijd waarop het monster is genomen
- Adres van de locatie waar het monster is genomen
- Naam van degene die het monster heeft genomen
4. Neem een schone plastic fles van (bij voorkeur) 1 liter of minimaal 0,5 liter.
5. Zet de plastic fles onder het bemonsteringspunt en open langzaam de klep. Vul de fles tot de helft en sluit de klep.
6. Sluit de fles en schud deze voorzichtig.
7. Open de fles en schenk alle AdBlue® eruit (in een fles die u weggooit).
8. Herhaal stap 4 maar vul de plastic fles nu voor maximaal 90-95%. Zorg dat er geen onoplosbare deeltjes of vuildeeltjes van het bemonsteringspunt of de klep in de fles terechtkomen.
9. Sluit de klep en draai de plastic fles goed dicht.
10. Doe de fles in een plastic zak en maak deze goed dicht om mogelijke besmetting te voorkomen. Bevestig een label op de fles met het monster en de plastic zak volgens de instructies in stap 3.
11. Bewaar deze monsters voorafgaand aan de analyse onder de juiste omstandigheden (temperatuur <25°C en niet in direct zonlicht).
Slaat de motor af als de AdBlue voorraad op is?
Nee, de motor slaat niet af, maar bij sommige motoren worden de prestaties automatisch begrensd als de voorraad AdBlue op is.
Als uw motor is voorzien van SCR-technologie, zal het motorvermogen worden verlaagd, waardoor de uitstoot van schadelijke stoffen wordt beperkt tot de wettelijke normen. Het voertuig presteert weer optimaal als er AdBlue is bijgevuld.
Opmerking: Sommige motoren kunnen niet gestart worden als de AdBlue op is. Zorg er daarom voor dat u een noodvoorraad bij u hebt of rijdt door tot het volgende distributiepunt zonder uw motor uit te zetten.
Mijn voorraad AdBlue is op
Waarschuwing: Rijden zonder AdBlue kan resulteren in geldboetes, straffen of beperkte motorprestaties. In sommige gevallen start uw motor zelfs niet. Wees voorbereid en zorg ervoor dat u een noodvoorraad bij u hebt.
Als ik rij zonder AdBlue, ben ik dan in overtreding?
AdBlue beperkt de hoeveelheid schadelijke stoffen die uw motor uitstoot. De emissiewetgeving staat slechts een geringe NOx-uitstoot toe. Als u deze grens overschrijdt, kunt u in overtreding zijn.
Opmerking: De wetgeving staat niet toe dat u uw motor start zonder AdBlue.
Veroorzaakt het rijden zonder AdBlue schade aan de motor?
Nee, het rijden zonder AdBlue veroorzaakt geen schade aan de motor. U kunt doorrijden tot het volgende AdBluedistributiepunt of bij de eerstvolgende mogelijkheid stoppen en uw noodvoorraad gebruiken. De motorprestaties kunnen echter in negatieve zin worden beïnvloed totdat u weer bijgevuld hebt.
Slaat de motor af als de AdBlue voorraad op is?
Nee, de motor slaat niet af, maar bij sommige motoren worden de prestaties automatisch begrensd als de voorraad AdBlue op is.
Als uw motor is voorzien van SCR-technologie, zal het motorvermogen worden verlaagd, waardoor de uitstoot van schadelijke stoffen wordt beperkt tot de wettelijke normen. Het voertuig presteert weer optimaal als er AdBlue is bijgevuld.
Opmerking: Sommige motoren kunnen niet gestart worden als de AdBlue op is. Zorg er daarom voor dat u een noodvoorraad bij u hebt of rijdt door tot het volgende distributiepunt zonder uw motor uit te zetten.