- AdBlue®
- GreenChem
Het nieuwe ACEA-rapport “Vehicles on European Roads 2026” schetst een duidelijk beeld van de huidige situatie op de Europese wegen: 256 miljoen personenauto’s, commerciële vloten die nog grotendeels op diesel rijden en een stijgende gemiddelde leeftijd van voertuigen. De cijfers tonen aan dat de energietransitie in het wegtransport langzamer verloopt dan het publieke debat soms suggereert.

256 miljoen auto’s: het Europese wagenpark blijft groeien
In 2024 reden er in de Europese Unie bijna 256 miljoen personenauto’s, een stijging van 1,4% ten opzichte van het jaar daarvoor. De groei is breed verspreid: vrijwel alle EU-landen zagen hun wagenpark toenemen, met Letland als koploper (+9,2%).
Het beeld wordt aangevuld met belangrijke cijfers voor het commerciële transport:
- 31,1 miljoen bestelwagens in gebruik, waarvan de helft geconcentreerd is in drie landen: Frankrijk (6,5 miljoen), Italië (4,6 miljoen) en Spanje (4,2 miljoen)
- 6,2 miljoen middelzware en zware bedrijfsvoertuigen (+0,9% ten opzichte van 2023)
- 699.238 bussen, waarvan meer dan de helft zich bevindt in Italië, Frankrijk, Duitsland en Polen
Opvallend is ook de Italiaanse koppositie wat betreft voertuigdichtheid: met 701 auto’s per 1.000 inwoners heeft Italië het hoogste aantal personenauto’s per inwoner in Europa. Dit onderstreept hoe centraal wegtransport nog steeds staat in de dagelijkse mobiliteit.
Diesel blijft dominant in het commerciële transport
Ondanks de sterke groei in de verkoop van elektrische voertuigen in de afgelopen jaren, laat de samenstelling van het huidige wagenpark een ander beeld zien. Binnen het segment van bedrijfsvoertuigen blijft diesel veruit de meest gebruikte aandrijving:
- 90,3% van de bestelwagens in de EU rijdt op diesel
- 96,3% van de vrachtwagens op Europese wegen gebruikt nog steeds diesel
- 88,7% van de bussen rijdt op diesel
Elektrische voertuigen groeien wel in nieuwe registraties, maar vormen nog steeds een zeer klein deel van het totale wagenpark:
- Slechts 0,3% van de vrachtwagens is volledig elektrisch
- 1,3% van de bestelwagens is elektrisch
- 3,2% van de bussen is batterij-elektrisch — het hoogste aandeel binnen de commerciële segmenten
Ook bij personenauto’s, vaak centraal in het debat over elektrificatie, blijft de intrede van BEV’s relatief beperkt. Volledig elektrische auto’s vertegenwoordigen slechts 2,3% van het totale wagenpark in de EU, ondanks dat zij bijna 17% van de nieuwe registraties in 2025 uitmaken.
Voertuigen worden steeds ouder: de gemiddelde leeftijd stijgt
Een vaak onderschat aspect van duurzame mobiliteit is de leeftijd van voertuigen die momenteel in gebruik zijn. Volgens ACEA bedraagt de gemiddelde leeftijd in de EU:
- Personenauto’s: 12,7 jaar (met Griekenland als oudste wagenpark met 17,8 jaar en Luxemburg als jongste met 8,2 jaar)
- Bestelwagens: 12,9 jaar (in Italië gemiddeld 15 jaar, het hoogste onder de grote markten)
- Vrachtwagens: 14 jaar (in Griekenland zelfs 22,9 jaar, terwijl Oostenrijk met 7,4 jaar tot de jongste behoort)
- Bussen: 12,2 jaar (in Roemenië en Griekenland meer dan 17 jaar)
Deze cijfers hebben belangrijke praktische gevolgen. Het vervangen van een verouderd wagenpark door efficiëntere of emissievrije voertuigen kost tijd — vaak jaren of zelfs decennia.
Op korte termijn betekent dit dat miljoenen voertuigen die al in gebruik zijn nog lang op de Europese wegen zullen blijven rijden. Hun milieu-impact hangt daarom in grote mate af van hoe efficiënt ze functioneren en hoe goed ze worden onderhouden.
Nieuwe registraties versus het bestaande wagenpark: het gat in de transitie
Het ACEA-rapport benadrukt een belangrijk punt dat vaak over het hoofd wordt gezien in discussies over mobiliteitsbeleid: de voertuigen die vandaag worden verkocht, weerspiegelen niet onmiddellijk de realiteit op de weg.
Zelfs als vanaf vandaag alle nieuwe voertuigen volledig elektrisch zouden zijn, zou het meer dan tien jaar duren om een wagenpark van bijna 300 miljoen voertuigen aanzienlijk te vernieuwen.
Het minder CO₂ laten uitstoten van het wegtransport is daarom geen snelle omschakeling, maar een structureel proces dat afhankelijk is van meerdere factoren:
- Uitgebreide en betrouwbare laadinfrastructuur
- Stabiele en toegankelijke aankoopsubsidies
- Een duidelijk en consistent regelgevend kader voor bedrijven
- Een sneller tempo van vlootvernieuwing
Zoals ACEA benadrukt: “de transformatie in Europa verloopt momenteel niet in het tempo dat nodig is”.
Wat betekent dit voor de sector: de rol van SCR en AdBlue®
Voor bedrijven in transport, logistiek en distributie bevestigen de ACEA-gegevens een duidelijke operationele realiteit: de overgrote meerderheid van de commerciële voertuigen zal nog jarenlang met dieselmotoren rijden.
Dit betekent dat technologieën zoals Selective Catalytic Reduction (SCR) en de bijbehorende vloeistof AdBlue® essentieel blijven om te voldoen aan de Europese normen voor NOx-emissies (Euro VI en volgende standaarden).
Zolang het wagenpark niet volledig is vervangen door emissievrije voertuigen, is het ervoor zorgen dat bestaande voertuigen correct functioneren en aan de emissienormen voldoen een van de meest effectieve en direct toepasbare manieren om de milieubelasting van het wegtransport te verminderen.
Het beeld dat het ACEA-rapport schetst vormt geen obstakel voor duurzaamheid, maar een realistische kaart van waar Europa vandaag staat en hoeveel werk er nog moet gebeuren. Bedrijven die zich bewust positioneren in deze markt en hun vloten uitrusten met de meest effectieve emissiereductietechnologieën die vandaag beschikbaar zijn, kunnen nu al een concrete bijdrage leveren aan schoner transport.

FAQ – Europees wagenpark, diesel en AdBlue®
Hoeveel voertuigen rijden er vandaag op de Europese wegen?
Volgens het rapport „Vehicles on European Roads 2026‟ van ACEA reden er in 2024 in de Europese Unie ongeveer 256 miljoen personenauto’s, naast 31,1 miljoen bestelwagens, 6,2 miljoen vrachtwagens en bijna 700.000 bussen. Dit bevestigt dat wegtransport een centrale rol speelt in de Europese mobiliteit en logistiek.
Is diesel nog steeds dominant in het Europese transport?
Ja. Ondanks de groei van elektrische voertuigen blijft diesel de dominante technologie in het commerciële transport:
- 90,3% van de bestelwagens rijdt op diesel
- 96,3% van de vrachtwagens gebruikt diesel
- 88,7% van de bussen is nog steeds diesel aangedreven
Dit betekent dat miljoenen dieselvoertuigen nog jarenlang in gebruik zullen blijven.
Hoe oud is het Europese wagenpark gemiddeld?
De gemiddelde leeftijd van voertuigen in Europa is relatief hoog:
- Personenauto’s: 12,7 jaar
- Bestelwagens: 12,9 jaar
- Vrachtwagens: 14 jaar
- Bussen: 12,2 jaar
Een wagenpark met een dergelijke gemiddelde leeftijd betekent dat de overgang naar emissievrije voertuigen tijd zal vergen.
Vervangen elektrische voertuigen dieselvoertuigen al?
Elektrische voertuigen groeien in nieuwe registraties, maar vormen nog steeds een klein deel van het totale wagenpark. Volledig elektrische auto’s vertegenwoordigen slechts 2,3% van alle auto’s in de EU, terwijl elektrische vrachtwagens ongeveer 0,3% van de vloot uitmaken. Dit toont aan dat de energietransitie in het wegtransport geleidelijk zal verlopen.
Waarom blijft AdBlue® belangrijk voor het transport?
AdBlue® wordt gebruikt in dieselvoertuigen met SCR-technologie (Selective Catalytic Reduction) om stikstofoxiden (NOx) te verminderen. Wanneer AdBlue® in de uitlaatgassen wordt geïnjecteerd, helpt het NOx om te zetten in stikstof en waterdamp — twee onschadelijke stoffen voor het milieu. Omdat het grootste deel van de vrachtwagens, bestelwagens en bussen in Europa nog steeds diesel gebruikt, blijft AdBlue® een essentieel onderdeel om aan de Europese emissienormen te voldoen.
Hoe lang zullen dieselmotoren nog een rol spelen in transport?
Volgens ACEA zal de overgang naar emissievrije voertuigen tijd kosten, omdat de vernieuwing van het wagenpark langzaam verloopt. In de tussentijd vormen technologieën zoals SCR en AdBlue® een van de meest directe en effectieve manieren om de uitstoot van bestaande dieselvoertuigen te verminderen.
Bron: ACEA – “Vehicles on European Roads”, januari 2026. De gegevens hebben betrekking op het jaar 2024.